Eerste islamitische gezinshuis in Nederland

Het Marokkaanse echtpaar Mohammed (51) en Jamila (43) Yaqini opende begin dit jaar in Breda een gezinshuis; voor zover ons bekend het eerste islamitische gezinshuis van Nederland. “We krijgen al aanvragen uit heel Nederland. We hebben nu twee kinderen uit het noorden van het land in huis”, vertelt Mohammed. “Hoe goed ze het ook bedoelen, westerse pleeg- en gezinshuisouders én hulpverleners bekijken elke situatie toch vanuit westerse normen en waarden. Islamitische ouders vinden het een geruststellend idee als hun kinderen bij ons zijn.”

Mohammed en Jamila vangen al sinds 2008 pleegkinderen op in hun huurwoning. Mohammed: “Ik werkte destijds als groepsleider in de crisisgroep van Juzt. Daar kregen we drie zusjes uit een islamitisch gezin geplaatst. Hun moeder was tijdelijk opgenomen door de GGZ. De voogd probeerde tevergeefs een pleeggezin te vinden voor deze meiden. Toen vroegen de kinderen aan mij: ‘Kunnen we niet bij jullie wonen?’ Daar hebben we eigenlijk niet lang over na hoeven denken. We hebben zelf ook drie dochters. Onze oudste had er in het begin even moeite mee, maar toen ze door had dat ze sowieso de oudste zou blijven, draaide ze snel bij. De meiden hadden al snel een goede klik, maar het was wel volle bak in huis.”

De drie pleegdochters verbleven twee jaar in het gezin Yaqini. “Toen het met hun moeder weer beter ging, konden de zussen terug naar huis. Wij hadden altijd een goede band onderhouden met de moeder. Dat heeft haar herstel ook bespoedigd”, vertelt Mohammed.

Dochters als rolmodel
Inmiddels hebben Mohammed en Jamila negen pleegkinderen onder hun hoede gehad. Een ervan was een vijftienjarig meisje dat veel problemen had en daarvóór bij haar oma woonde. Mohammed: “Het meisje had geen doelen en ging niet naar school. Toen ze hier een poosje was, bleek dat ze was misbruikt en ze was getraumatiseerd. Ze kreeg bij ons voor het eerst met simpele huisregels te maken, zoals ‘s avonds de telefoon inleveren. Op een gegeven moment kreeg ze een ritme en is het ons gelukt om haar weer naar school te krijgen. Wij gebruiken eigenlijk onze dochters als een soort rolmodel. We preken niet, maar kinderen zien gewoon hoe het bij ons werkt. Hoe onze kinderen naar school gaan, een bijbaantje hebben en zelfstandig zijn.”

Twee huizen huren
Een poos geleden ontstond bij Mohammed en Jamila het idee om een gezinshuis te starten. “In een tijdsbestek van enkele maanden overleden onze buurman en buurvrouw. Hun huis kwam dus leeg te staan. Toen kregen we het idee om dat huis erbij te huren om een gezinshuis te starten. Dat is gelukt. We kregen alle steun van woningcorporatie AlleeWonen en de gemeente.

“We staan open voor alle kinderen. Maar omdat er erg weinig islamitische pleeggezinnen en gezinshuizen zijn, vangen we natuurlijk vooral moslimkinderen op”, legt Mohammed uit. “We krijgen aanvragen uit het hele land. Op dit moment hebben we twee kinderen, van 2 en 4 jaar, uit het noorden van het land in huis. Als gezinshuis hebben we nog geen plaatsingen. Die krijgen we binnenkort via de gemeente of via Gezinshuis.com, waarbij we als franchiser zijn aangesloten. De zelfstandigheid bevalt ons. Je hebt meer vrijheid en kan zelf bepalen wat je wilt.”

Dezelfde normen en waarden
Mohammed vindt het belangrijk dat islamitische kinderen binnen hun eigen cultuur opgevangen en begeleid kunnen worden. “Ik ben zelf ook ambulant begeleider van allochtone kinderen. Omgaan met de ouders en de jongeren gaat nu eenmaal een stuk makkelijker als je elkaar echt begrijpt en dezelfde normen en waarden hebt. Westerse gezinnen en hulpverleners bekijken dingen toch vaak vanuit hun eigen opvattingen. Dat is logisch. Omdat we zelf moslim zijn, weten we wat er van ons als pleegouders en gezinshuisouders wordt verwacht. En andersom.” Mohammed geeft een voorbeeld: “We hadden een keer een islamitisch meisje dat een poos in een Nederlands pleeggezin heeft gewoond. Ze vroeg of ze me een biertje moest brengen. Dat was ze gewend.”

Als een islamitisch kind in een westers pleeggezin wordt geplaatst, wordt de afstand tussen het kind en zijn ouders alleen maar groter, denkt Mohammed. “Als kinderen worden geplaatst in een gezin met dezelfde cultuur, maakt het de samenwerking makkelijker. In ons geval handelen we vanuit de normen en waarden van de islam. En voor de goede orde: slaan is ook binnen de islam niet toegestaan”, lacht Mohammed. “Het gaat er niet alleen om dat je een dak, een bed en eten en drinken aanbiedt. Je hebt als pleegouders en gezinshuisouders een veel grotere verantwoordelijkheid.”

Toneelspel over pleegzorg
Zoals er in het algemeen een tekort is aan pleegouders, kampt Nederland ook met een tekort aan islamitische pleegouders en gezinshuizen. Volgens Mohammed komt dat deels door onwetendheid. “Wij hebben als gezin geprobeerd om in onze omgeving pleegouders te werven door middel van een toneelspel dat we opvoerden in het buurthuis. Daar waren 200 mensen aanwezig. Iedereen was enthousiast en velen wilden wel pleegkinderen opnemen. Maar uiteindelijk daalt het enthousiasme weer als men hoort wat er aan screening en training bij komt kijken.”

Mohammed blijft zich inzetten voor de kwetsbaren binnen de islamitische culturen. “Ik geef nu workshops over de islam, vooral aan professionals die met kinderen werken en ook aan leraren. Daarbij komen normen en waarden aan bod, maar ook een stukje geschiedenis over migratie en bijvoorbeeld de verschillen tussen jongens en meisjes. Islamitische meisjes bereiken in het algemeen een hoger niveau op school dan jongens. Via de workshops probeer ik uit te leggen hoe je met jongens hetzelfde niveau kunt bereiken. De workshops worden erg gewaardeerd.”

Mohammed en Jamila verwachten snel de eerste kinderen te kunnen verwelkomen in hun gezinshuis El Noor, dat ‘de verlichting’ betekent.

Tekening: Katrien Holland


Tags: ,