Schrijf ons niet af!

Via een oud-collega kwam ik in contact met Joop (43). Joop groeide op in kinder­huizen, een pleeggezin en een gezins­huis. Hij wil zijn verhaal vertellen namens hemzelf en andere pleegkinderen. Joop: “We laten het niet altijd zien, maar diep van binnen zoeken we steun en de bevestiging dat we ertoe doen. Er is vaak zoveel gebeurd, dat je ons, pleegkinderen, moeilijk kunt bereiken.”

“We zijn meesters in het verdringen van ellende om op de been te blijven”, zegt Joop. “Als we niet leren hoe we met traumatische ervaringen moeten omgaan, blijven die ervaringen ons achtervolgen. Leer ons praten. Laat ons voelen dat je er voor ons bent. Geef ons gereedschap waarmee we ons leven kunnen leiden in plaats van lijden aan ons leven.

Ruziënde ouders
Joop werd geboren in Knokke, waar hij in een kinderhuis terechtkwam, samen met zijn oudere broer. “Mijn ouders waren niet in staat om voor kinderen te zorgen. Het is me een raadsel waarom ze kinderen wilden. Er was sprake van grove verwaarlozing en ze maakten vaak ruzie, bijvoorbeeld over wie de liefste ouder was. Ze dwongen ons een keuze te maken, soms onder zware bedreigingen.”

Klik met de kok
Toen ze naar Nederland verhuisden, werden Joop en zijn broer weer thuis geplaatst. Kort daarna liep het weer mis en kwamen ze opnieuw in een kinderhuis terecht. “Ik werd direct van mijn broer gescheiden, vermoedelijk omdat hij me teveel wilde beschermen. Ik heb redelijk prettige herinneringen aan het tehuis, bijvoorbeeld aan een groepsleider die gitaar speelde. Vanaf het begin had ik een klik met de kok en we hebben nog steeds een goede band.”

Blauwe plekken
Joop vraagt zich af waarom het tehuis zijn ouders in alles hun zin leek te geven. “Pa en ma haalden en brachten ons zoals het hun uitkwam. Thuis werden we hard geslagen, met of zonder riem. Ze bedreigden ons op een krankzinnige manier, zelfs met een kapmes in de hand. Het is onvoorstelbaar dat niemand ingreep. Ik weet zeker dat er sporen waren van mishandeling, zoals blauwe plekken. Kennelijk waren de verhalen van mijn ouders overtuigend.”

Veilige plek
Op zijn negende ging Joop bij de kok en zijn vrouw wonen, nadat zijn ouders uit de ouderlijke macht waren ontheven. “Ik voelde me veilig en gewenst. Bij mijn pleegouders had ik alles waar ik naar verlangde.” Helaas liep de plaatsing fout toen zijn pleegouders relatieproblemen kregen. Na hun scheiding woonde Joop een poos bij zijn pleegmoeder. “Dat werkte niet, omdat ik loyaal was naar mijn pleegvader. Mijn pleegmoeder probeerde me aan haar kant te krijgen. Het was triest: Mijn pleegvader had me de wereld gegeven en ontnam me die weer. Als kind heb je geen invloed op beslissingen van volwassenen, maar je betaalt wel de rekening. Ik schoot weer in de overlevingsmodus, sloot me af en zat vol wantrouwen. Toen het niet meer ging bij mijn pleegmoeder, verhuisde ik naar een gezinshuis.”

Jongeren met andere behoeftes
De overplaatsing was een grote stap. “Ik woonde er met een groep jongeren. Ze hadden allemaal veel meegemaakt en hadden andere behoeftes dan ik. In het gezinshuis was duidelijkheid en zekerheid en ik wist wat er moest gebeuren. Het was er professioneler dan in het pleeggezin, maar ook afstandelijker. We kregen geen vervangende ouderliefde. Dat kon ook niet, want we stonden niet echt open voor liefde. Wij wisten het gemis van ouderliefde niet aan te geven.

De ellende was dat we onszelf de schuld gaven van dingen die waren misgegaan. Ik was ervan overtuigd dat ik waarde­loos was, maar daar werd niet over gepraat. Daarom werd dat gevoel steeds erger. Ik keerde me af van anderen en vertrouwde niemand vanzelfsprekend. Dankzij mijn gezinshuisouders kwam ik in het speciaal onderwijs terecht, waar ik een goede tijd heb gehad.”

Stapel kranten
Rond zijn veertiende kwam zijn voogd op bezoek, met een stapel kranten onder zijn arm. Hierin stond uitgebreid be­schreven hoe de moeder van Joop had geprobeerd om zijn vader te vermoorden. “Er stond nog veel meer in over het criminele verleden van mijn familie. ‘Alsjeblieft’, zei de voogd, ‘ik weet niet wat ik ermee moet.’ Dat wist ik dus ook niet. Niemand kon hier met me over praten. Wat moet je ook zeggen? Ik raakte compleet van het pad en ging stijf van de spanning naar school. Ik dacht aan zelfmoord, maar dat durfde ik niet. De schoolmaatschappelijk werker kon me niet helpen. Ik koos voor een opleiding om zelf te leren voor hulpverlener, maar dat was een slechte keuze.”

Drank en drugs
Joop ging weg uit Zeeland en raakte verzeild in circuits met drank en drugs. Een leraar van de opleiding die hij volgde, stelde voor om eens te gaan praten bij de Anonieme Alco­holisten en dat deed hij uiteindelijk. Daar werd hem op de man af gevraagd: “Wil je doodgaan of leven?” Die vraag zette hem aan het denken. Joop besloot zijn leven in eigen hand te nemen en brak met drank en drugs. Hij ging in militaire dienst en kreeg structuur en houvast in zijn leven. “Er werd deels voor je gedacht.”

Sticker met ‘mislukkeling’
“Ik had het gevoel dat ik een sticker met ‘mislukkeling’ opgeplakt had gekregen. Het was niet erg als het mis met me zou gaan, want ik was toch gedoemd te mislukken. Je gaat geloven dat die sticker waar is en je gaat je ernaar gedragen. We moeten bij onze kladden gepakt worden. Verzwijg geen zaken, maar maak het verleden bespreekbaar. Kies voor het kind! Hoeveel slaag had voorkomen kunnen worden als mijn ouders op mijn vijfde uit de ouderlijke macht ontheven waren in plaats van op mijn negende? Wat was er gebeurd als er eerder gehandeld was en als er open gepraat was over alle zorgen en ellende?”

Slapende trauma’s
Na veel omzwervingen kwam Joop in Spanje terecht. “Ik heb een lieve vrouw en twee kinderen.” Ondanks zijn vlotte babbel en een mooie baan is hij nog altijd onzeker. “Ik ben op zoek naar mensen die me kunnen coachen. Ik vecht elke dag om te voorkomen dat ik dezelfde fouten maak als mijn ouders. Het contact met mijn eerste pleegvader, mijn gezinshuisouders en goede vrienden, en soms ook het lezen van boeken, helpt me om mijn weg te vinden. Het blijft zoeken en leren, maar ik heb ook veel dingen wel voor elkaar. Ik probeer alles een plek te geven.” Zijn boodschap aan de lezers is: “Maak slapende trauma’s en schuldgevoelens wakker, dan kun je een hoop ellende voorkomen.”

Wil je reageren op dit verhaal? redactie@bijonspleegzorg.nl


Tags: ,