Losse stukjes

Jopie (14) woont bij ‘tante Ans en ome Jan’. Ze kent de pleegouders nog uit de tijd dat ze de buren van haar moeder waren. Na de verhuizing is er contact gebleven. Toen het slechter met de moeder van Jopie ging, werden de ex-buren haar pleegouders.

Ans en Jan wonen klein. In de periode dat Jopie er korte periodes verbleef, was dat geen probleem. Nu besloten is dat Jopie voor langere tijd zal blijven, is het wel krap. Er is weinig ruimte waar ze op zichzelf kan zijn. Ik ga eens informeren bij het jeugdteam of er mogelijkheden zijn voor voorrang op een grotere woning of bijvoorbeeld een aanbouw. Helaas: “Wij hebben niets te zeggen over de woon­situatie van kinderen. Enkel over de hulpverlening.”

Op dit moment maakt Jopie zich grote zorgen over haar moeder. Ze ziet haar weinig. Haar moeder is doorverwezen voor behandeling, maar daar is een wachtlijst. Voor een verplichte opname is de toestand niet ernstig genoeg.

In de hulpverlening mag alles dan uit losse stukjes bestaan, voor Jopie zijn al die stukjes haar wereld. Die wereld is niet op orde en die krijg ik met een goed gesprek eens per week met haar ook niet op orde. Al het beschikbare budget voor jeugdhulp ten spijt.

Volgende week ga ik bij de opleiding van Jopie langs. Eens kijken wat daar nog te redden valt. Want ze is er zo vaak met haar aandacht niet bij…


Tags: ,