Je leven draait door

In december vond in Nijmegen de inspirerende, interactieve eindmanifestatie van Pleegzorg­proof plaats. Dit programma is een vertaling van het migrantenprogramma ‘Opvoeden is een gesprek’ naar de pleegzorgpraktijk. Het afgelopen jaar spraken pleegouders, pleegkinderen, ouders en professionals, onder leiding van  trainers, met elkaar over opvoeding. In alle gesprekken stonden persoonlijke verhalen centraal. De gemeenschappelijke inzichten werden gebundeld en doorgegeven. Een onderdeel van deze eindmanifestatie was het spel ‘Je leven draait door’.

Aan tafel zit een gemêleerd gezelschap: pleegmoeder Jannie,  pleegkind Shaden (16), pleegkind Jahz (17), moeder Mientje en Hans, werker in de zorg. Het zijn allemaal deelnemers van de manifestatie. Jahz gooit vijf en krijgt meteen een moeilijke vraag: Wie vertrouw ik het meest? “Ik vertrouw mijn vriend en mijn pleeg­ouders”, zegt ze na enig nadenken. Meer wil ze er niet over kwijt.

Shaden gooit drie: Praat ik met vrienden over pleegzorg? Ze vertelt dat ze met haar vrienden niet over pleegzorg praat. “Ik wil geen medelijden en ik wil niet zielig gevonden worden.” Shaden wil het ‘pleegkind zijn’ niet steeds uitleggen.

De volgende vraag Ik zit in de put. Wie haalt me eruit? is voor Hans. Zijn vrouw en zijn buren kunnen hem goed uit de put helpen. “En mijn collega’s brengen soep. Dat vind ik dan zo lekker, daar knap ik echt van op. Ik merk dat er veel mensen zijn die uit zichzelf een ander helpen.”

De vraag Ben ik weleens in de rechtbank geweest? zorgt na al die jaren nog steeds voor tranen in de ogen van pleegmoeder Jannie. In een notendop vertelt ze dat haar elfjarige pleegdochter haar verhaal mocht vertellen aan de rechter. “Dat was heel bijzonder, omdat je daar eigenlijk twaalf voor moet zijn. Bureau Jeugdzorg wilde dat mijn pleegdochter zou verhuizen naar een ander adres. Dat wilde ze niet. Mijn pleegdochter had een brief aan de rechtbank geschreven. Ze schreef dat ze al twee keer had moeten verhuizen en ze wilde geen veranderingen meer. Ze wilde niet dat haar leven nog een keer overhoop werd gehaald. Gelukkig mocht ze van de rechter bij ons blijven. Voor ons hele gezin was dat een enerverende tijd. Onze pleegdochter is tot haar achttiende verjaardag bij ons blijven wonen.”

Wat mis ik het meest? Die vraag krijgt Shaden nadat ze zes heeft gegooid. Shaden heeft het gevoel dat ze er bij haar pleegouders niet echt bijhoort. “Dat doet zeer. Iedereen mocht op de familiefoto behalve ik. Ik moest maar opzij gaan staan.”

Jahz krijgt de vraag: Hoe verliep de kennismaking met je pleeggezin? Ze vertelt dat de kennismaking goed verlopen was, ook al vond ze het spannend en best wel eng. De pleegouders kwamen eerst bij haar op bezoek. Ze namen een doosje mee met vragen waar Jahz antwoord op kon geven, zodat het pleeggezin wat van haar wist. Het pleeggezin had die vragen ook beantwoord. “De volgende stap was een boterham eten in mijn nieuwe pleeggezin. Daarna ging ik een weekend logeren.”

Mientje mag de vraag Wat vind ik ervan om met hulpverleners te praten? beantwoorden. “Tja, wat zal ik ervan zeggen? Sommige hulpverleners luisteren, andere totaal niet. Ik word soms heel boos. Ik ben en blijf de moeder. Sommige hulpverleners zien alleen maar de centen in hun zak glijden. Ze zien niet naar mij om. Ze stoppen mijn kind ergens en verder kijken ze niet. Ik had hulp nodig, maar ik moet doen wat zij zeggen. Dat doe ik, maar dan merk ik dat ze niet naar me kijken en luisteren. Ik heb wel degelijk interesse in mijn kinderen. Ik kom alle afspraken na en probeer goed te luisteren. Waarom doen zij dat niet? Ik kan toch ook een tweede kans krijgen? Ze hadden beloofd dat de kinderen weer bij mij zouden komen. Dat is niet gebeurd. Ze gaan het gesprek niet aan met mij. Ik wil ze laten zien dat ik goed ben. Die kans krijg ik niet. Ik zie mijn kinderen maar een keer per maand twee uurtjes. Dat is veel te kort om een goed contact met mijn kinderen op te bouwen. Ik wil graag meer.”

Jannie gooit vier en ze leest de volgende opdracht voor: Ik vertel mijn leukste mop! Iedereen begint te lachen. Jannie: “Ik ben geen moppentapper, nu klap ik dicht. Wie weet er een leuke mop?” De anderen lachen weer. “Ik weet ze gewoon niet meer”, zegt Jannie. Hans begint: “Er zaten twee katten in de woestijn. Zegt de ene kat tegen de andere. Wat een bak zeg!”

De tijd is om en de groep neemt lachend afscheid van elkaar.

 

Samen met Maya Lievegoed en tekenares Judith Zijtregtop heeft Mobiel het spel ‘Je leven draait door’ gemaakt. Het is een soort ganzenbordspel met vragen over het dagelijkse pleegzorgleven. Wil je het spel zelf spelen? www.bijonspleegzorg.nl/2016/12/je-leven-draait-door

Wil je meer weten over ‘Pleegzorgproof’ of wil je een gespreksgroep starten met de methodiek van vertellingen? Neem contact op met Eline Engelhart van de Pleegzorg Academie. e.engelhart@pleegzorgadvies.nl


Tags: ,