De functie van stampij

Ruzie: ieder gezin heeft er mee te maken, ook het pleeggezin. Kinderen kibbelen met hun ouders, pleegouders, leeftijdsgenootjes en broertjes en zusjes. Niet alleen kinderen hebben meningsverschillen. Ook volwassenen hebben van tijd tot tijd een meningsverschil waarbij de gemoederen hoog kunnen oplopen. Waarom maken mensen ruzie en hoe is die ruzie weer op te lossen?

Voor alle ouders is het lastig als kinderen ruzie zoeken en maken, maar al dat gekibbel heeft wel degelijk een functie. Ruzie is niet alleen het uiten van negatieve emoties, zoals veel mensen denken. Zeker, ruzie is nodig om frustraties en emoties te uiten, maar kinderen kunnen er ook veel van leren. Bijvoorbeeld het onder woorden brengen van irritaties. Door conflicten te creëren, ontwikkelen kinderen ook hun eigen identiteit. Voor volwassenen gaan de meningsverschillen vaak om het aangeven van de eigen grenzen en het maken van een compromis waar beide partijen zich in kunnen vinden.

Ruzie in ontwikkeling
Waar kinderen zich ontwikkelen, ontwikkelen de ruzies zich ook. Denk bijvoorbeeld aan peuters of kleuters. Die zijn vaak nog bezig met het zoeken van de eigen grenzen en zullen daarom ruziemaken om te leren voor zichzelf op te komen. “Waar ligt mijn grens en hoe verdedig ik die?” Doordat deze jonge kinderen nog vooral op zichzelf gericht zijn, heeft de ‘schuldvraag’ niet zoveel effect. Het kind weet vaak niet meer waarover het gekibbel begon.

Dit in tegenstelling tot kinderen van een jaar of acht. Zij zijn het stadium van een geheel egocentrisch wereldbeeld vaak voorbij en kunnen zich gaan inleven in de gevoelens van een ander. Oudere kinderen zijn ook beter in staat om hun gedrag te analyseren. Daardoor kunnen zij ook beter aangesproken worden op hun gedrag.

Iedereen weet dat pubers veelvuldig conflicten hebben. In tegenstelling tot kleuters doen zij dit niet om zichzelf te ontdekken. Pubers maken vaker ruzie om de grenzen te ontdekken die de ouders gesteld hebben en om zich los te maken van hun ouders. Hoewel het door de ouders als zeer lastig ervaren kan worden, is het ruziemaken van pubers wel belangrijk. Het bereidt hen immers voor op het zelfstandige leven.

Oorzaken van confrontaties
Het belangrijkste bij de conflicten is de reden achter het ruziemaken. Vaak heeft een ruzie een indirecte reden. Het gaat niet om het kleine meningsverschil, maar dat kan wel de druppel zijn die de emmer doet overlopen. Het zijn de frustraties die ervoor zorgen dat iets kleins een groot probleem wordt: “Hang je jas nou eens op.” “Ik wil die broek aan!” “Hij heeft mijn dino afgepakt!” “Stop met liegen.” Als kinderen ruziemaken met hun ouders en broertjes en zusjes om grenzen te ontdekken, voor zichzelf op te komen of om frustraties te uiten, doen ze dit meestal zonder verlatingsangst. Dit in tegenstelling tot kinderen in pleegzorg. Pleegkinderen hebben vaak te maken met een vorm van verlatingsangst. Hierdoor kunnen ze moeite hebben om hun grenzen aan te geven en hun frustraties tijdig te ventileren. Doordat pleegkinderen bang zijn om verlaten of weggestuurd te worden door hun pleegouders vanwege slecht gedrag, kunnen de kinderen gaan liegen over ongelukjes.

Verlatingsangst is niet het enige dat het ruziemaken voor pleegkinderen bemoeilijkt. Ook een loyaliteitsconflict kan een onderliggend probleem zijn. Bij een loyaliteitsconflict kan het kind bijvoorbeeld de wensen van de ouders en de pleegouders niet verenigen. Dit zorgt voor veel opgekropte frustraties, die tot ruzies leiden. Zo kan een kind een loyaliteitsconflict krijgen over wie het papa en mama noemt, de ouders of de pleegouders, en hoe moet het dan tijdens Vader-en Moederdag?

Ook de manier waarop onenigheden werden opgelost bij de biologische ouders kan voor een ruzie zorgen. Zo kan het zijn dat frustraties daar werden geuit met schreeuwen of geweld, terwijl dit in het pleeggezin niet het geval is.

Conflicten oplossen
Als de achterliggende reden voor de confrontatie bekend is, kan het gemakkelijker zijn om deze te voorkomen. Het is echter niet altijd gemakkelijk om achter deze informatie te komen. Zo kan de woede die geuit is tijdens de ruzie eigenlijk andere gevoelens verhullen. Angst kan bijvoorbeeld worden omgezet in woede. Zeker als het pleegkind net in het pleeggezin woont, is het lastig de redenen voor de confrontaties te achterhalen. Probeer echter wel altijd de ruzie op te lossen, door tot een compromis te komen of door beiden “sorry” te zeggen. Maak hierbij wel onderscheid tussen een conflict tussen het kind en de pleegouder, en het kind en een broertje of zusje. Kinderen moeten namelijk ook in staat zijn om hun eigen meningsverschillen op te lossen. Bij sommige ruzietjes, bijvoorbeeld over wie uit welke beker drinkt, is het belangrijk dat de kinderen zelf met een oplossing komen. Terwijl een ruzie met de pleegouder natuurlijk ook samen met de pleegouder opgelost moet worden.

Zeker bij pleegkinderen is het belangrijk om aan te geven dat conflicten geaccepteerd worden zolang er ook oplossingen geboden worden. Zo kunnen de kinderen leren dat het niet erg is om ruzie te maken en dat ze daar niet voor verlaten worden.

Wederzijds vertrouwen
Alle kinderen maken weleens ruzie met hun ouders. Dat is noodzakelijk om de grenzen van de ouders te herkennen en te leren, maar ook om de eigen grenzen te leren. Sommige kinderen komen sneller achter deze grenzen dan andere kinderen en sommige kinderen zullen de grenzen van de ouders langer op de proef stellen dan andere kinderen. Dit is normaal. Deze kinderen zijn op zoek naar de inconsequenties in het gedrag van de ouders en kijken hoe ver ze de grens kunnen oprekken. Voor het maken van ruzie met de ouders is een veilige relatie met wederzijds vertrouwen belangrijk. Voor het kind is het vooral belangrijk dat het weet dat de ouders niet minder van het kind gaan houden na een ruzie. Voor pleegkinderen is dit misschien nog wel belangrijker dan voor andere kinderen.

Het kan zijn dat een nieuw kind in het pleeggezin veel conflicten geeft. Dit hoeft niets te maken te hebben met agressie van het kind. Het kan te maken hebben met onzekerheid en het op zoek zijn naar een eigen plaats in het gezin. Een nieuw kind komt immers binnen in een gezin waar de rollen al verdeeld zijn en moet vervolgens op zoek gaan naar welke rol het binnen het gezin kan vervullen.

Kirsten Meeusen

Bronnen
Van den Born, E. (2012). Uiten van Emoties: De Functie en Fictie van Catharsis.
Van Dam, A., van Tilburg, C., Steenkist, P., & Buisman, M. (2011). Niet meer door het lint. Bohn Stafleu van Loghum.

www.jmouders.nl
www.pleegzorg.nl
www.lichaamstaal.nl


Tags: , ,