Herstel van het ouderlijke gezag

Als pleegouders de voogdij hebben verkregen omdat het gezag van de ouders (lees ouders of ouder) is beëindigd, kan het gezag van de ouders worden hersteld. De ouders kunnen hiervoor een verzoek tot herstel van het ouderlijk gezag indienen bij de rechter. Lang niet alle pleegouder­voogden zijn hiervan op de hoogte. Ter geruststelling: een ver­zoek tot herstel van het gezag door de ouders wordt zelden door de rechter toegekend. Als het kind in het pleeggezin woont en zich goed ontwikkelt, is er geen reden om het gezag van de ouders te herstellen en de pleegoudervoogdij te beëindigen.

Het criterium om het gezag van de ouders te kunnen herstellen is namelijk: herstel in het gezag is in het belang van de minderjarige en de ouder is in staat de verantwoordelijkheid voor de verzorging en de opvoeding weer duurzaam te dragen.

Belang van het kind voorop
Dit betekent dat het belang van het kind het uitgangspunt is. Het recht van het pleegkind op een gezonde en evenwichtige ontwikkeling en groei naar zelfstandigheid staat centraal. Ook als de ouders weer duurzaam de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding kunnen dragen, wordt het gezag pas hersteld als dit in het belang van het kind is. Na een langdurige uithuisplaatsing en verblijf in een pleeggezin waarbij het kind zich positief ontwikkelt, is herstel van het gezag niet in het belang van het kind. Het zou immers de stabiele opvoedingssituatie in het pleeggezin doorbreken.

Toch zijn er ouders die, feitelijk tegen beter weten in, een verzoek tot herstel van het gezag indienen.
Jason is elf jaar. Hij woont bij zijn pleegouders sinds hij elf maanden is. Jason staat onder toezicht en er is een machtiging tot uithuisplaatsing voor het verblijf in het pleeggezin. Sinds zijn vierde heeft Jason geen contact meer met zijn moeder. Zijn vader is onbekend. Als Jason vijf is, wordt het gezag van zijn moeder door de rechter beëindigd. Zijn moeder is niet op de zitting bij de kinderrechter aanwezig en het is onbekend waar ze verblijft. Ze maakt geen gebruik meer van de omgangs­regeling die door de gecertificeerde instelling is opgesteld. De pleegouders hebben de voogdij over Jason verkregen op het moment dat het gezag van de moeder is beëindigd. Als Jason tien is, krijgen zij van de advocaat van de moeder van Jason een brief. De moeder wil omgang met Jason. De pleegouders bespreken met Jason wat hij wil. Jason geeft aan geen contact te willen met zijn moeder en is hier standvastig in. De moeder dient een verzoek in bij de rechter tot herstel van het gezag en vaststelling van een omgangsregeling. De rechter wijst het verzoek tot herstel van het ouderlijk gezag af, de rechter vindt gezagsuitoefening door de moeder niet in het belang van Jason. Met betrekking tot de omgangsregeling vraagt de rechter de pleegzorgaanbieder om advies.

Spanning
De moeder heeft al jaren geen contact meer met haar zoon en dient toch een verzoek tot herstel van het ouderlijk gezag in. Uiteindelijk is het haar om de omgang met Jason te doen. Wellicht hoopt ze door ‘hoog’ in te zetten dat de rechter ruimhartig(er) zal zijn met betrekking tot de omgang. Voor de pleeg­ouders is het een spannende tijd. Uit het juridisch advies van hun advocaat blijkt dat het verzoek tot herstel van het gezag kansloos is. Toch kunnen zij pas opgelucht ademhalen als de rechter het verzoek afwijst. Voor pleegouders die de voogdij over hun pleegkind overwegen is het goed om rekening te houden met de mogelijkheid van zulke verzoeken van de ouders zonder gezag. Het is in ieder geval verstandig om een rechtsbijstandsverzekering af te sluiten.

 

 


Tags: ,