20 jaar Mijn Levensboek

In elke Mobiel staat op de voorlaatste pagina een fotootje van Mijn Levensboek. Dit Levensboek bestaat precies 20 jaar. Dat was voor Mobiel een mooie aanleiding om naar ervaringen van gebruikers te vragen.

Waar kom ik vandaan?
“Onze pleegdochter kwam tien jaar geleden bij ons wonen”, vertelt Marianne. “Zij was toen zes jaar. Kort daarna zijn we gestart met het Levensboek. Eerst werkten wij er als pleeg­ouders in en leverde zij knutselwerkjes en tekeningen. Later schreef ze zelf ook mee. Het Levensboek heeft haar een beeld gegeven van haar bestaan: Waar kom ik vandaan? Waar en in welke families heb ik gewoond en wie hoorden daar allemaal bij? Er bleven vragen onbeantwoord. Daarom hebben we haar ouders gevraagd om ook aan het boek mee te werken. Haar moeder moest hiervoor een flinke drempel overstappen, maar ondanks het taalprobleem heeft zij het boek prachtig aangevuld. Ze gaf enkele foto’s van familie­leden en medische bijzonderheden en ze schreef lieve woorden en tips. Haar vader wilde hierin geen rol spelen, maar zijn enthousiaste verhalen tijdens de bezoeken sloeg ik op in mijn hoofd en schreef ik ’s avonds uit in het Levensboek. Onbewust heeft hij dus ook meegewerkt.

Inmiddels is onze pleegdochter zestien jaar. In tien jaar is het Levensboek een heel geschiedenisboek van haar geworden. Soms bladert ze erin, steeds weer nieuwsgierig naar de inhoud. Haarlokje, werkstukjes en verwachtingen voor de toekomst.  Ieder jaar bekijken we het als ze weer een jaar langer bij ons woont. Onze eigen kinderen bekijken met hun verjaardag hun babyalbum, onze pleegdochter haar Levensboek. Belangrijke gebeurtenissen noteren wij nog steeds. Zelf werkt ze er niet meer in. Het is een boek waar ze later nog van tijd tot tijd in zal bladeren, bijvoorbeeld wanneer ze zwanger is en zich afvraagt hoe dat bij haar eigen moeder ging. Allemaal kostbare informatie die niet verloren mag gaan.”

Perfect getekende knuffel
Met z’n tweeën bladeren mijn volwassen pleegkinderen in hun Levensboeken. “Moet je zien: sinds ik negen jaar was, ben ik dertig centimeter gegroeid en vijftig kilo aangekomen.”
“Hé, hoe kan mijn Surinaamse opa nou een Duitse naam hebben? Hij heette Adolf. Nooit geweten.”

Ze bladeren verder. Opeens vindt mijn pleegdochter haar perfect getekende knuffel. “Zie je wel hoe mooi Brom toen nog was?” Hij ligt nu op haar nachtkastje, te kwetsbaar voor in bed.
Mijn pleegzoon zegt: “Hé, je hebt er bladzijden bij gekopieerd, want al onze verblijfplaatsen pasten niet op één pagina! Dat was een slim idee!” Zijn zus reageert meteen: “Dat heb je voor mijn voogden niet gedaan. Zeker de moed opgegeven door het grote aantal!”
Samen vinden ze dat er veel te weinig lijntjes op de bladzijde staan van broers en zussen van vader en moeder. Ze kennen er niemand van, maar zien namen en geboortedata.
Kortom: het is goed dat we veel hebben uitgezocht en opgeschreven, maar het Levensboek speelt geen grote rol meer in hun huidige leven.

Feestje met warme chocolademelk
Pleegmoeder Jantine maakt van het werken in de Levens­boeken keer op keer een feestelijke gebeurtenis. In elke kindervakantie kiest ze één middag, waarop ze met haar beide pleegkinderen in de Levensboeken werkt. Zo kunnen de kinderen het Ik-gedeelte invullen. “Met warme chocolademelk erbij wordt het steeds een intiem feestje.”

Vertellen over traumatische gebeurtenissen
Marja en haar pleegdochter Floor werkten samen in het Levensboek. “Voor Floor hielp het Levensboek om stukje voor stukje te vertellen over de traumatische gebeurtenissen in haar leven. Dit leidde tot de start van de traumatherapie.”

Een gezamenlijke geschiedenis
“We zijn ooit enthousiast begonnen aan het Levensboek, maar kwamen tot de ontdekking dat we de hele geschiedenis van elkaar kennen”, zegt Belinda. “Ik was erbij toen de kinderen geboren zijn en ze zijn maar één keer verhuisd: van hun moeder, mijn zus, naar ons. Ik vind het heel belangrijk dat een kind zijn geschiedenis kent en antwoorden krijgt op zijn vragen. Laatst zag René een klein kind hysterisch huilen en vroeg hij of hij dat vroeger ook deed. Ik kan die antwoorden geven, want wij hebben een gezamenlijke geschiedenis. Die hebben mijn zus en ik wel verschillend beleefd. Op zich is dat niet erg, want we leren de kinderen dat ieder mens anders is en anders voelt.”

Verbinding met haar moeder
Marindes moeder woont in de gevangenis. “Het Levens­boek vormt de verbinding tussen Marinde en haar moeder”, zegt haar pleegmoeder. Doordat Marinde samen met haar pleegmoeder vragen stelt in haar brieven en in haar skypecontact wordt er steeds meer duidelijk over de eerste jaren van haar leven.


Tags: ,