Minder vaak uit huis plaatsen

In 2014 zijn er gemiddeld per dag 26 kinderen uit huis geplaatst en in een pleeggezin opgenomen. Aangezien niet elk kind direct in een pleeggezin geplaatst wordt, moet het aantal uithuis­plaats­ingen nog een stuk hoger liggen. Stelt u zich voor: Elke dag een schoollokaal vol kinderen, die niet terug naar huis, maar bij ‘vreemde mensen in een ander huis’ gaan wonen. Gevoelens van angst, ver­driet en verlatenheid zullen de kop opsteken, net als bij hun ouders, bij wie boosheid, frustratie of schaamte ook een rol zullen spelen.

Uithuisplaatsing is de meest ingrijpende beslissing die een professional kan nemen. Zorgvuldigheid is daarom geboden.  Op de masterclass Uithuisplaatsing, die in april in Amers­foort door het Leids Congres Bureau was georganiseerd, ging het dan ook om de vraag: ‘Hoe kan het minder en effectiever?’

Kinderrechter eerder inschakelen
Kinderrechter Rein Odink van de Rechtbank van Amster­dam gaf een presentatie waarin hij vertelde waarmee juridisch gezien rekening moet worden gehouden bij uithuisplaat­singen. Hij zei: “De kinderrechter toetst of er aan wet- en regelgeving is voldaan, maar kijkt eerst of de gedwongen uithuisplaatsing noodzakelijk en proportioneel is.”

Het is Odink opgevallen dat het aantal verzoeken voor een uithuisplaatsing daalt sinds 1 januari 2015. Daarvan zei hij: “Dat kan positief zijn. Maar misschien is het zo dat er te lang doorgemodderd wordt. Ik zie namelijk wel een toename van het aantal spoedverzoeken.” Zijn advies: “Schakel de kinderrechter eerder in. Misschien volgt er nog geen maatregel, maar horen de ouders van de kinderrechter dat het 5 voor 12 is. En dat, als het wel tot een ondertoezichtstelling (OTS) komt, er iemand gaat meekijken of dat het kind zelfs uit huis geplaatst kan worden. Dat kan een impuls geven aan de relatie tussen ouders en hulpverleners.”

Geen eindeloze verlenging van de OTS
In het Burgerlijk Wetboek staat dat de kinderrechter een minderjarige onder toezicht kan stellen als de verwachting gerechtvaardigd is dat de ouders binnen een voor de minder­jarige aanvaardbaar te achten termijn, zorg en opvoeding weer kunnen dragen (naar art. 255, lid 1, sub b).

Daarvan zei Odink: “Verwacht de hulpverlener dat niet, dan moet je doorpakken en om beëindiging van het gezag verzoeken. Dat is een belangrijke wijziging in het Burgerlijk Wetboek sinds 1 januari 2015.”

Het komt soms voor dat een verzoek tot uithuisplaatsing niet gehonoreerd wordt door de kinderrechter. Odink: “Meestal is het verzoek dan niet voldoende onderbouwd. Die onderbouwing zal er heus wel zijn, maar wordt niet uitgebreid genoeg meegestuurd. De kinderrechter moet weten welke hulp er is ingezet en waarom die niet gewerkt heeft. Hij wil ook weten waar na de uithuisplaatsing aan gewerkt wordt en hoe lang dat gaat duren.”

Gewetensvol besluit
Zijn advies aan de hulpverlenende instantie: “Stuur jullie eigen evaluerende verslagen met het verzoek mee, dan kan de kinderrechter zich zelf een beeld vormen en tot een gewetensvol besluit komen.” De verplichting die de Raad voor de Kinderbescherming heeft om, als het kind twee jaar uit huis geplaatst is, advies te geven over beëindiging van het gezag van de ouders, is eveneens nieuw.

Automatisering helpt hulpverleners
Jeugdbescherming Amsterdam heeft werk gemaakt van het streven naar minder gedwongen uithuisplaatsingen. In de eerste plaats natuurlijk door samen met het gezin goed te kijken naar wat beter kan en moet en daarna effectief hulp te verlenen op die onderdelen waar dat nodig is. Maar wat opviel in hun presentatie tijdens de masterclass was de automatisering van het cliëntsysteem, waar veel in geïnvesteerd is. Alle relevante informatie wordt digitaal bewaard, kan met een paar muisklikken opgehaald worden en op elke gewenst moment en op elke locatie worden aangevuld. Dankzij deze digitalisering is de bureaucratische rompslomp van papierwerk tot een minimum gedaald. Zo kan ook heel gemakkelijk tegemoet gekomen worden aan de vraag van de kinderrechter om alle relevante informatie over te leggen.          <

======
KADER
======

Gehoord bij de Masterclass Uithuisplaatsing
“Ik ben voor vrijwilligheid in de jeugdhulpverlening, maar soms is dwang wel handig.” (opmerking uit de zaal)

“Wat je als hulpverlener nodig hebt is uithoudingsvermogen, creativiteit en een olifantshuid, want bakken ongenoegen worden over je uitgestort.” (opmerking van de Kinderrechter)

“Jeugdbescherming Amsterdam heeft de zorg voor 7000 kinderen in 3200 multi-probleemgezinnen.” (informatie van medewerker Jeugdbescherming Amsterdam)

“Wij willen een essentieel verschil maken als het gaat om de veiligheid van kinderen.” (opmerking van medewerker Jeugdbescherming Amsterdam)

“Natuurlijk houden we rekening met de cultuur van allochtone gezinnen. Maar bepaalde zaken zullen we nooit tolereren, zoals het slaan van kinderen. De Nederlandse wet verbiedt het en de veiligheid van kinderen komt dan in het gedrang.” (opmerking van medewerker Jeugdbescherming Amsterdam)

“Pleegouders kunnen nu vrij snel in aanmerking komen voor de voogdijschap over hun pleegkind, maar in de praktijk blijkt dat zij daar niet om zitten te springen.” (opmerking van medewerker Centrum Jeugd en Gezin Den Haag)

 

 


Tags: ,